Heen en weer. Thuiswerken - of terug naar kantoor?

Centralisatie. Decentralisatie. Centralisatie. Decentralisatie… Het is een geruststellende golfbeweging die als eb en vloed door het organisatielandschap trekt. Op zoek naar uniformiteit, controle en schaalvoordelen? Centralisatie. Toch meer behoefte aan autonomie en hogere reactiesnelheid? Decentralisatie. Heen en weer. Heen en weer.

De discussie over thuis of op kantoor werken volgt zo'n zelfde patroon. Ook die golfbeweging wordt door controle versus autonomie gedreven. Maar waar de discussie rond centrale of decentrale macht een vrij stabiel plaatje oplevert, gaat de golfbeweging rond thuiswerken steeds sneller. Voor we allemaal doordraaien, pleit ik voor een derde weg, een ultieme balans, waar de discussie niet langer draait om de locatie van werk, maar om de mate van samenwerking.

De golfversnelling rond wel of niet thuiswerken is grotendeels technologie-gedreven. IBM experimenteerde er begin jaren '80 al mee, met de opkomst van de thuiscomputer. Toch bleef thuiswerken lang een taakgebonden uitzondering, gereserveerd voor Grote Klussen, als de uitwerking van het jaarlijkse businessplan. Tot de Coronacrisis. In een paar weken deed een hele wereld wat men decennialang had uitgesteld. Alles thuis. Alles online. En dat kon ook, met laptops, goede wifi en software die samenwerking ondersteunt.

Sindsdien willen de meesten niet meer terug. Organisaties bewegen mee. Er komt thuiswerkbeleid, een toeslag voor de inrichting van een thuiswerkplek en zelfs recht op thuiswerken. Thuiswerken scheelt kantoorkosten, vergroot de vijver in een krappe arbeidsmarkt en past bij hoe mensen willen werken. Goede redenen. Maar dan: de bekende beweging. Behoefte aan controle. Aan meer centrale aansturing. Het gevoel dat de gezamenlijkheid verloren gaat. En dus: iedereen terug naar kantoor. Tot de volgende ronde. Als blijkt dat mensen op kantoor ook niet per se productief zijn. Als de roep om flexibiliteit luid klinkt. Als talent de files beu is en voor een organisatie met remote mogelijkheden kiest.

Heen en weer. Totdat we beseffen dat het niet gaat om thuiswerken tegenover kantoor, maar locatie als bijzaak. Het gaat er niet om wáár iemand is, maar óf diegene er is. Of die bereikbaar en aanspreekbaar is. Het gaat om contact. De ander zien. Ruimte maken voor het toevallige gesprek, ook op afstand.

Wat we nodig hebben is een gedeelde ruimte waar mensen aanwezig zijn, ook als er geen bijeenkomst is. Een digitale werkomgeving waar collega's elkaar tegenkomen, ook als daar geen directe reden toe is. Waar je even kunt binnenwandelen op een afdeling, of waar je rustig kunt samenwerken zonder dat er een agenda aan te pas komt.

Wij werken met SpatialChat als remote office: een virtuele omgeving waar je kunt werken, een praatje kunt maken of even naar de virtuele koffiehoek kunt gaan. Waar je op basis van nabijheid een gesprek begint. Waar je een vraag kunt stellen die niet meteen een meeting wordt. Gewoon online. Gewoon werken. Gewoon samen aanwezig.

Als locatie niet meer bepalend is maar samenzijn wel, kom je op een ander niveau. Dan is de vraag niet meer hoeveel dagen iemand op kantoor zit. Dan is de vraag hoe een cultuur gebouwd wordt waarin mensen elkaar sneller vinden. Waar medewerkers zich gezien voelen, ongeacht waar ze werken. Waar je collega's je reden zijn om 's ochtends in te loggen.

Laten we het daar eens over hebben.

Meer weten?

Laat je inspireren door onze andere blogs.

Wil je eens sparren over hoe jouw organisatie meer uit online samenwerken haalt? Boek een kennismaking of neem vrijblijvend contact op.

Volgende
Volgende

Online beheersen we nu allemaal wel.